Visietekst ‘Vermaatschappelijking van zorg en vrijwilligerswerk’

Type:

Visietekst

Publicatiedatum:

20.10.2014
Printervriendelijke versiePDF version

Inleiding

Waarom moeten wij vandaag de dag spreken over vermaatschappelijking van zorg? Is zorgen voor elkaar niet iets wat we al altijd gedaan hebben en is zorgen niet per definitie vermaatschappelijkt? Finaal is zorg verlenen, toch iets heel normaal en vormt het een onderdeel van de maatschappij? Kunnen we vermaatschappelijking aan vrijwilligerswerk koppelen en zo ja, op welke wijze?

 

Vermaatschappelijking van de zorg

Vermaatschappelijking van de zorg is alom tegenwoordig. Diverse artikels in tijdschriften handelen hier over, studiedagen worden over deze materie georganiseerd, het regeerakkoord 2014-2019 dweept met dit containerbegrip,…

Het Vlaams regeerakkoord 2014-2019 ziet vermaatschappelijking als een maatschappijvisie die betekent dat mensen met een specifieke ondersteuning- of zorgnood een eigen zinvolle plek in de samenleving kunnen innemen. Daarbij hebben we nood aan vrijwilligers en mantelzorgers. Zij zijn als de hoeksteen van de samenleving. Zij zijn het levende bewijs van solidariteit en vormen een belangeloze, maar uiterst belangrijke bijdrage aan de samenleving.[1]

Het Vlaams Welzijnsverbond ziet vermaatschappelijking als volgt: Mensen leven samen in een samenleving en zetten zich voor elkaar in op diverse manieren (professioneel handelen, mantelzorg, vrijwilligerswerk,…). Vermaatschappelijking zorgt voor integratie van zorg in de samenleving. Het zorgt eveneens voor een grotere autonomie van de zorgvrager en voor meer aandacht voor de eigen kracht van de gebruiker. Op deze manier wordt ook de verbondenheid tussen mensen benadrukt. Voorts biedt zorg in het vertrouwde milieu meer kansen op kwaliteit van leven. Mochten vrijwilligers hierin een grotere rol kunnen spelen, zou dat een stap vooruit zijn (bv: vrijwilligers aan huis in kader van thuiszorgdiensten). Vaak wordt informele zorg als anders/beter beschouwd door de gebruiker dan professionele zorg. Er wordt solidariteit gecreëerd met zij die kwetsbaar zijn. Vermaatschappelijking biedt ten slotte kansen om volwaardig te participeren.

Men (overheid, vakorganisaties, koepels, universiteiten, …) spreekt dezer dagen dan steeds vaker over vermaatschappelijking van zorg. Deze zorg is (volgens ons) reeds in belangrijke mate aanwezig in de Vlaamse samenleving, denk maar aan mantelzorg en het vrijwilligerswerk. De overheid zou echter meer inspanning moeten leveren op het vlak van vrijwilligerswerk (ondersteuning, erkenning, …). Dit wordt immers door hen benoemd als de hoeksteen van de samenleving, dus verwachten wij dat hier iets tegenover staat.  De Vlaamse overheid stelt immers een aantal eisen in het decreet vrijwilligers op gebied van verzekeringen, begeleiding, vorming en ondersteuning van de vrijwilliger, maar voorziet hiervoor geen middelen of personeel om dit uit te voeren (bv. aantal uren subsidiëren vr een vrijwilligersverantwoordelijke).

Het Vlaams Welzijnsverbond is van mening dat vermaatschappelijking van zorg in de eerste plaats mantelzorgers en buurtzorg omhelst. Vrijwilligers komen vaak pas in een latere cirkel binnen in de context van de cliënt. Mantelzorg en vrijwilligerswerk zijn twee afzonderlijke dingen, maar ze staan niet los van elkaar.

Vermaatschappelijking gaat volgens ons aldus niet in de eerste plaats om vrijwilligerswerk! We gaan verder in de tekst in op deze opsplitsing mantelzorg versus vrijwilligerswerk.

 

Mantelzorg

Mantelzorg is de extra zorg die aan een zorgbehoevende persoon wordt gegeven door één of meerdere leden van zijn of haar directe omgeving, waarbij de zorgverlening voortvloeit uit de sociale relatie, buiten het kader van een hulpverlenend beroep of georganiseerd vrijwilligerswerk. Mantelzorg is dus een zeer ruim begrip.

De overheid rekent behoorlijk op de bereidwilligheid en de mogelijkheden van de burgers om (nog) meer dan voorheen zorg voor zichzelf en voor elkaar te dragen. Dit betekent dat ze mantelzorg, maar ook vrijwilligerswerk, hoger in het vaandel zouden dragen. Dit blijkt echter niet uit de praktijk (vb: subsidies, middelen, ondersteuning,…).

Voorts moet verder ook opgelet worden voor culpabilisering. Daar de overheid er van uitgaat dat de burgers de zorg steeds meer moeten opnemen, kan dit er misschien toe leiden dat mensen verplicht zullen worden om zorg op te nemen voor een zieke moeder/vader/kind/… Daar moeten we voor opletten. Niet iedereen bevindt zich in de mogelijkheid om dit te doen.

 

Vrijwilligerswerk

Wanneer we deze culpabiliseringsgedachte koppelen aan vrijwilligerswerk, dan kan zorg opnemen voor een ander zeker niet verplicht worden. Het basisprincipe is dat vrijwilligerswerk in de eerste plaats vrijwillig is. Het is een vrije keuze. Zal de trend van vermaatschappelijking van zorg er toe leiden dat mensen meer vrijwilligerswerk zullen opnemen ten nadele van hun job? Of zullen we dit allemaal kunnen blijven combineren? Wat zal leiden tot meer uitval in het arbeidscircuit? Of moeten er maatregelen voor vrijwilligerswerk komen vanuit de overheid? Of is deze trend slechts een trend zolang de economische situatie slabakt? En zal dit terug helemaal veranderen eens we terug in een periode van economische groei zitten? Want dan zullen we met zijn allen terug aan de slag moeten? Heel veel vragen dus, waar wij zelf geen antwoord op hebben en waaruit de keuze van de overheid niet duidelijk is.

Vaak is de wil er wel om vrijwilligerswerk te doen, maar is de mogelijkheid er niet. Kan dan het idee van vrije keuze blijven bestaan of creëren we op die manier een zorgplicht? Vaak willen mensen vandaag vrijwilligerswerk doen, maar hebben ze er de mogelijkheden niet toe.

We kunnen het vrijwilligerswerk eveneens op een continuüm plaatsen, van organisch vrijwilligerswerk naar gedwongen vrijwilligerswerk. In welke richting wil de overheid evolueren inzake vrijwilligerswerk? Zien zij tussenfases? Zo ja, welke?

 

Taak voor de overheid

Overheden maken vandaag tal van ambitieuze plannen op. Maar wordt dit wel getoetst op zijn haalbaarheid? Als men vanuit de Vlaamse overheid de nadruk legt op vermaatschappelijking van de zorg, kan dat dan nog gerealiseerd worden met de huidige ambitieuze plannen? Zorg zou dus met andere woorden in elk beleidsdomein getoetst moeten worden (bv. domein mobiliteit, economie,…). Wordt zorgen voor iemand, mogelijk of onmogelijk gemaakt met de plannen die op tafel liggen? Wat betekent een bepaalde keuze in een beleidsplan voor het faciliteren van zorg?

De politiek moet het debat durven aangaan. Ze verwijst maar wat makkelijk naar de term vermaatschappelijking en naar de inzet van mantelzorgers en vrijwilligerswerk (vaak als iets vervangend en niet aanvullend!). Maar meent men dit wel als ze het debat niet aangaan? Of effectief maatregelen nemen om dit te stimuleren? Vermaatschappelijking van zorg bevindt zich niet enkel binnen het beleidsdomein welzijn, volksgezondheid en gezin, maar moet doordrongen zijn in ALLE beleidsdomeinen. Pas op die manier kan men spreken van vermaatschappelijking! In welke beleidsdomeinen zorg je er voor dat je zorg blijft koesteren? Hier kunnen we een link leggen naar het inclusiebeleid over de sectoren heen.

 

Besluit

Het mag duidelijk zijn dat vermaatschappelijking van de zorg niet van zelf komt. Iedereen zal zijn steentje moeten bijdragen: zorgzame burger, zorgzame zorgvoorzieningen en zorgzame overheid.

Wat de burger betreft, hebben wij hier zowel het aspect van de mantelzorger als van de vrijwilliger belicht. Het Vlaams Welzijnsverbond vindt dat het vrijwilligerswerk een cruciale plaats in de samenleving heeft, maar dat het realiseren van vermaatschappelijking eerder vanuit de mantelzorg zal komen, dan vanuit het vrijwilligerswerk. Vrijwilligers maken deel uit van de vermaatschappelijking, maar in de dichtste kring rond personen zitten geen vrijwilligers. Pas in een 2de of 3de kring komen we vrijwilligers tegen. We moeten hierbij echter wel opmerken dat niet iedereen een netwerk of eerste kring om zich heeft. De vermaatschappelijking van zorg aldus trachten enkel te realiseren via vrijwilligerswerk, is aldus onhaalbaar en ondenkbaar.

Voorts wenst het Vlaams Welzijnsverbond nog te benaderukken dat wanneer burgers kiezen om vrijwilligerswerk te doen, dat dit een vrije keuze moet zijn. Het Vlaams Welzijnsverbond staat aldus negatief tegenover de diverse vormen van verplicht of gedwongen vrijwilligerswerk. Ook mantelzorgers, die cruciaal zijn voor de vermaatschappelijking, mogen niet gedwongen worden om voor hun ouders, kinderen, buren,… te zorgen. Eveneens moeten we onthouden dat niet iedere hulpbehoevende geholpen wenst te worden door zijn naaste familie of vrienden. Het schuldmodel moeten we in deze context achter ons laten!

We stippen eveneens aan dat vrijwilligerswerk als aanvullend moet gezien worden en niet als vervangend! De basiszorg moet gegeven worden door de professionelen. Vrijwilligerswerk is iets aanvullend op die basiszorg. Recht op zorg is een basisgrondrecht. Het Vlaams Welzijnsverbond is van mening dat je deze basiszorg niet kan overlaten aan vrijwilligers. Indien een overheid er niet langer in slaagt (bv. omwille van besparingen) de basiszorg aan te bieden aan elke burger, dan kan de overheid deze zorg niet overlaten aan vrijwilligers. Vrijwilligerswerk door gepensioneerde gekwalificeerde personen (vb. gepensioneerde opvoeder die nu als ‘vrijwilliger’ deze taak verder blijft opnemen) mag niet beschouwd  worden als een onderdeel van de basiszorg daar dit gezien wordt als goedkope arbeidskracht. Dit ondermijnt de initiële gedachte inzake vrijwilligerswerk.

Een te ver doorgeschoten vermaatschappelijking van de zorg heeft verregaande gevolgen voor de samenleving in het algemeen en de burger in het bijzonder. Het is immers erg naïef te denken dat we allemaal beschikbaar zijn als vrijwilliger of mantelzorger voor het leveren van zorg.

 

Commissie vrijwilligerswerk

Goedgekeurd door raad van bestuur op 16/12/2014

 

[1] Vlaams regeerakkoord 2014-2019, pg 104