“Een duurzaamheidsplan zal geïntegreerd zijn of zal niet zijn”

  • Gepubliceerd op 27/05/2026 16:15

Duurzaamheid mag geen losstaand project zijn dat “erbovenop” komt. Dat is de belangrijkste les die OLO-Rotonde de voorbije jaren trok uit zijn eigen traject. Waar de organisatie in 2019 nog startte met een klassiek duurzaamheidsplan rond de 17 Sustainable Development Goals (SDG’s), groeide intussen het besef dat duurzaamheid alleen werkt wanneer ze verweven zit in het volledige organisatiebeleid. “Een duurzaamheidsplan moet geïntegreerd zijn”, zegt adjunct-directeur Eric Avonts. “Anders blijft het iets bijkomends, iets wat mensen erbij moeten nemen.”

Die eerste versie van het duurzaamheidsplan voelde volgens Avonts te veel aan als een apart spoor naast het kwaliteitsbeleid, het strategisch beleid en de dagelijkse werking. “Het risico is dan dat duurzaamheid een ‘moetje’ wordt. Mensen ervaren het als een extra inspanning bovenop alles wat al van hen gevraagd wordt.”

In 2022 besloot OLO-Rotonde het over een andere boeg te gooien. De organisatie ontwikkelde een geïntegreerd duurzaam strategisch beleidsplan waarin duurzaamheid en kwaliteit expliciet met elkaar verbonden werden. Niet langer de SDG’s op zich stonden centraal, maar wel de vraag: hoe blijven we als sociale onderneming ook op lange termijn relevant?

Daarvoor vertrok OLO-Rotonde vanuit vier grote belanghebbenden: gebruikers, medewerkers, de organisatie zelf en de bredere maatschappij. Rond elk van die groepen werden referentiekaders uitgewerkt: kwaliteit van leven, kwaliteit van werken, kwaliteit van organisatie en kwaliteit van maatschappij. Vanuit die structuur worden vandaag strategische doelen, projecten en indicatoren opgebouwd.

Volgens Avonts zit net daarin de kracht van een geïntegreerde aanpak. “Duurzaamheid gaat niet alleen over energie of afvalbeheer. Het gaat ook over werkbaar werk, inclusie, participatie, mobiliteit, voeding en maatschappelijke relevantie. Alles hangt samen.”

Die brede benadering begint volgens hem vooral met dialoog. “Duurzaamheid is dialogeren”, zegt Avonts. “Je moet met alle stakeholders praten: medewerkers, cliënten, partners, maatschappij. Eigenlijk begint het met storytelling. Je moet mensen meenemen in een verhaal.” Daarbij speelt ook het creëren van een “coalition of the willing” een belangrijke rol: een groep medewerkers die vanuit intrinsieke motivatie mee de verandering wil trekken.

Dat participatieve karakter vertaalt zich ook in concrete acties. Binnen OLO-Rotonde werd een Green Team opgericht en de organisatie engageerde zich in de Green Deal Duurzame Zorg Vlaanderen. Initiatieven worden bewust breed bekeken. Een fietsdag bijvoorbeeld richt zich niet langer alleen op medewerkers, maar betrekt ook gebruikers bij mobiliteitsvraagstukken.

Ook voeding wordt een belangrijke hefboom. OLO-Rotonde werkt momenteel aan een vernieuwde centrale keuken waarin plantaardige voeding een prominentere plaats krijgt. Voor Avonts hoeft duurzaamheid daarbij niet meteen groots of duur te beginnen. “Veel organisaties denken dat ze eerst hun volledige infrastructuur moeten vernieuwen. Maar je kan perfect klein starten. Bijvoorbeeld door plantaardige voeding te introduceren of mobiliteit anders te bekijken. Belangrijk is dat mensen voelen dat het zinvol is.”

Die pragmatische aanpak blijkt te werken. “We zijn nu drie à vier jaar bezig en je voelt dat de mayonaise begint te pakken”, zegt Avonts. Duurzaamheid groeit stilaan uit tot een vanzelfsprekend onderdeel van de organisatiecultuur.

Toch benadrukt hij dat er geen blauwdruk bestaat die zomaar kopieerbaar is naar andere organisaties. “Een copy-paste van een duurzaamheidsplan werkt niet. Elke organisatie heeft haar eigen context, cultuur en uitdagingen.” Inspiratie halen bij elkaar kan wel. OLO-Rotonde liet zich onder meer inspireren door denkkaders zoals Economy for the Common Good en de Doughnut Economy. Instrumenten zoals Sustatool kunnen helpen om ideeën op te doen, al blijft maatwerk volgens Avonts essentieel.

Wat andere organisaties vooral moeten onthouden? “Begin klein en maak duurzaamheid deel van je kernwerking”, zegt hij. “Projecten die aanvoelen als een vervelend extraatje krijgen weinig draagvlak. Maar als mensen zien hoe duurzaamheid aansluit bij hun dagelijkse praktijk, ontstaat er energie.”

Want uiteindelijk gaat duurzaamheid volgens OLO-Rotonde niet over een apart beleidsplan. Het gaat over de manier waarop een organisatie naar haar toekomst kijkt. Op lange termijn, in verbinding met mensen en maatschappij.